Aflossingsvrij vs annuïtair — 30-jaars vergelijking
Welke hypotheekvorm wint op 30-jaars netto-positie? Incl. belegde vrije cashflow.
Het fundamentele verschil
Annuïtair: elke maand dezelfde bruto-last. In het begin 80 % rente + 20 % aflossing, aan het eind andersom. Eindschuld: € 0.
Aflossingsvrij: je betaalt alleen rente. Elke maand hetzelfde bedrag tot de laatste dag. Eindschuld: de volle oorspronkelijke hoofdsom.
Belangrijk fiscaal verschil: op nieuwe hypotheken na 2013 krijg je geen HRA op het aflossingsvrije deel. Alleen op het annuïtair/lineair afgeloste deel. Oude aflossingsvrije hypotheken (voor 2013) vallen onder overgangsrecht.
€ 400.000 @ 3,9 % over 30 jaar
Annuïtair bruto: € 1.887/mnd. Netto ~€ 1.655. Totale rente: € 279.418.
Aflossingsvrij bruto: € 1.300/mnd. Netto (geen HRA) ~€ 1.300. Totale rente: € 468.000 + eindschuld € 400.000.
Zonder beleggen van verschil: annuïtair wint met afstand. Maar beleg je het maandverschil van € 587 tegen 4 %/jr, dan bouw je ~€ 410.000 vermogen op — meer dan genoeg om de eindschuld af te lossen. Netto: gelijkspel tot licht voordeel aflossingsvrij.
Welke vorm kies je?
Kies annuïtair als je disciplineloos bent met beleggen, als je zekerheid belangrijk vindt en als je op AOW-leeftijd hypotheekvrij wilt zijn.
Kies aflossingsvrij (tot 50 % van de woningwaarde) als je de vrije cashflow écht belegt, je meerdere inkomensbronnen hebt, of je een hoog rendement verwacht op alternatieve investering (bv ondernemer).
Mix 50/50 is de populairste keuze in 2026 — helft annuïtair voor fiscaal voordeel, helft aflossingsvrij voor lagere maandlast.
Formule
annuïtair: M = P × r(1+r)^n / ((1+r)^n−1) · aflossingsvrij: M = P × r / 12 · belegd = PMT × ((1+r)^n−1)/r
Voorbeelden
- € 300.000 @ 3,8 % · 30 jr · WOZ € 350.000 · laag tariefAnnuïtair bruto € 1.398/mnd · aflossingsvrij € 950/mnd. Met beleggen verschil: aflossingsvrij wint ~€ 45.000 op eind.
- € 500.000 @ 4,1 % · 30 jr · WOZ € 600.000 · hoog tariefAnnuïtair bruto € 2.417/mnd · aflossingsvrij € 1.708/mnd. Belegd verschil € 709/mnd @ 4 % = € 491.000. Netto-positie aflossingsvrij: wint.
- Zonder beleggen vrije cashflow (vuurproef)Annuïtair wint altijd: afgelost huis vs schuld van € hoofdsom. Verschil gelijk aan totale rente aflossingsvrij − totale rente annuïtair.
Veelgestelde vragen
Mag ik nog volledig aflossingsvrij?
Is Wet Hillen nog relevant in 2026?
Is 4 % rendement realistisch?
Wat als rente over 10 jaar sterk stijgt?
Kan ik later van vorm wisselen?
Gerelateerde tools
Uitgelichte artikelen
Alle artikelenHypotheek berekenen 2026 — complete gids met echte cijfers
De grote hypotheek-aanbieders tonen je één getal: een bruto maandlast. Dat getal is zelden de waarheid. Wie in 2026 écht zijn hypotheek wil berekenen moet vijf losse puzzelstukken combineren: bruto maandlast, werkelijke HRA met de 35,82 %-cap, eigenwoningforfait, NHG-premie én — als je studieschuld hebt — de correcte DUO-afweging tussen normberekening en werkelijke maandlast. Deze gids loopt ze één voor één af, met in elke sectie de calculator die het rekenwerk voor je doet.
Hypotheek in 2026: rente, maandlast en hoeveel je kunt lenen
Een huis kopen in 2026 voelt anders dan vijf jaar geleden: rentes liggen hoger, leennormen schuiven, en de NHG-grens is verhoogd naar €470.000. In deze gids zetten we alles op een rij — van actuele rentes en de annuïteitenformule tot kosten koper, startersvrijstelling en hypotheekrenteaftrek — met een complete uitgewerkte berekening op een hypotheek van €400.000.
Laatst bijgewerkt: 17 april 2026