Vermogensbelasting 2028 — werkelijk rendement
Nieuw stelsel: geen forfait meer. 36 % over netto-rendement met € 1.800 vrijstelling per persoon.
Eindelijk belasting op echt rendement
Het definitieve box 3-stelsel treedt 1 januari 2028 in werking na 5 jaar overgangsrecht. Kernverandering: de fictieve percentages (3,05 % spaar / 5,88 % overig) verdwijnen.
Vanaf 2028 betaal je 36 % belasting over je werkelijke rendement minus een vrijstelling van € 1.800 per persoon (€ 3.600 met fiscaal partner).
Werkelijk rendement = rente + dividend + huuropbrengst − kosten + ongerealiseerde waardeverandering. Die laatste is controversieel en kan liquiditeitsproblemen geven.
Wat mag je aftrekken?
Beheerskosten beleggingen tot maximaal 0,5 % van het vermogen (ETF-TER, vermogensbeheerder, custody).
Rente op box 3-schulden (bijv. consumptieve lening tegen beleggingen) volledig aftrekbaar van het rendement — niet van het vermogen.
Onderhoudskosten tweede woning die niet doorbelast zijn (huur-woning: ja; eigen vakantiehuis: nee).
Verlies verrekenen
Een negatief rendement (slecht beursjaar) geeft geen directe teruggaaf, maar mag worden verrekend met positief rendement in de volgende 9 jaren.
Kleine beleggers met 1 jaar minvermogen kunnen dus via de middellange termijn alsnog voordeel halen.
Voor vastgoedbeleggers is 9 jaar meestal voldoende om waardestijging mee te compenseren met eerdere jaren.
Formule
Netto = vermogen × bruto_rend − kosten − schuldrente. Belasting = max(0, netto − vrijstelling) × 36 %.
Voorbeelden
- Spaarder € 150.000, 2,5 % spaarrente, alleenstaandBruto € 3.750 − vrij € 1.800 = € 1.950 × 36 % = € 702 belasting (0,47 % effectief).
- Belegger € 500.000, 6 % rendement, 0,4 % TER, partnerBruto € 30.000 − kosten € 2.000 − vrij € 3.600 = € 24.400 × 36 % = € 8.784 (1,76 %).
- Vastgoed 2e woning € 450.000, 5 % huur, schuldrente € 9.000Bruto € 22.500 − € 2.250 kosten − € 9.000 rente − € 1.800 vrij = € 9.450 × 36 % = € 3.402 (0,76 %).
Veelgestelde vragen
Wat verandert er t.o.v. 2027?
Moet ik waardestijging opgeven ook als ik niet verkoop?
Tarief 36 % is definitief?
Wat met cryptovaluta?
Hoe zit het met eigen woning?
Gerelateerde tools
Uitgelichte artikelen
Alle artikelenBTW berekenen 2026: complete gids voor ondernemers en ZZP'ers
BTW is voor de meeste ondernemers en ZZP'ers de meest tijdrovende belasting in de administratie — en tegelijk de plek waar de meeste fouten worden gemaakt. In deze complete gids zetten we het hele BTW-stelsel van 2026 uiteen: van de drie tarieven en de aangifte-cyclus tot de KOR-regeling, internationale handel en de klassieke rekenfouten die je geld kosten. Gebruik de BTW-calculator van RekenmachinePro om elk bedrag direct te controleren.
Box 3 belasting 2026: vermogensrendementsheffing berekenen en minimaliseren
Box 3 is al jaren het meest besproken onderdeel van de Nederlandse inkomstenbelasting — en dat is niet voor niets. Na het baanbrekende Kerstarrest van de Hoge Raad in 2021 en de daaropvolgende overgangsrechtspraak staat het stelsel opnieuw onder druk, terwijl de wetgever werkt aan een definitief 'werkelijk rendement'-systeem dat pas op zijn vroegst in 2028 van kracht wordt. In 2026 geldt een aangepast fictief-rendementsstelsel met drie vermogenscategorieën. Deze gids legt stap voor stap uit hoe de berekening werkt, wat de tarieven zijn en hoe u uw box 3-last legaal kunt beperken.
Inflatie 2026: wat doet het met jouw spaargeld en koopkracht?
Inflatie is de stille sluipmoordenaar van koopkracht: u merkt het pas goed als de boodschappen weer duurder zijn of uw spaarsaldo in reële termen is gekrompen. In Nederland schommelde de inflatie de afgelopen jaren fors — van historisch lage niveaus rond 1% naar een piek van bijna 14% in 2022, gevolgd door een daling richting de 2-3% ECB-doelstelling in 2025 en 2026. In dit artikel leggen we uit hoe inflatie wordt gemeten, wat het concreet betekent voor uw spaargeld, hypotheek en pensioen, en hoe u de inflatie-calculator van RekenmachinePro gebruikt om uw eigen koopkrachtverlies te berekenen.
Laatst bijgewerkt: 17 april 2026