Ouderenkorting berekenen
Bereken je ouderenkorting 2026 (max €2.035) én de alleenstaande-ouderenkorting (extra €531) op basis van je verzamelinkomen. Inclusief afbouw boven €45.308.
Samengesteld en gecontroleerd door de RekenmachinePro-redactie.
De ouderenkorting is een heffingskorting voor 67-plussers — een directe aftrek op de door jou verschuldigde belasting. In 2026 is het maximum €2.035. Ben je alleenstaand? Dan krijg je €531 extra (alleenstaande-ouderenkorting). Bij een verzamelinkomen boven €45.308 wordt de ouderenkorting afgebouwd met 15% — bij €58.540 ben je op nul. Dit kan flink schelen op je belastingaanslag.
Wanneer heb je recht op ouderenkorting?
Je krijgt ouderenkorting in het kalenderjaar dat je de AOW-leeftijd bereikt. In 2026 is die leeftijd 67 jaar en 3 maanden. Bereik je die in oktober 2026? Dan krijg je voor heel 2026 al ouderenkorting — ook over de maanden vóór je verjaardag.
Vanaf 2027 stijgt de AOW-leeftijd niet, die blijft naar verwachting 67+3m. De ouderenkorting blijft dus in hetzelfde tempo toegankelijk.
Bedragen 2026
| Korting | Bedrag 2026 | Afbouw |
|---|---|---|
| Ouderenkorting (max) | €2.035 | bij verzamelink. > €45.308 |
| Afbouwpercentage | 15% | van elke euro boven grens |
| Nul bij verzamelinkomen | €58.540 | alles weg |
| Alleenstaande-ouderenkorting | €531 | geen afbouw |
| TOTAAL max (alleenstaand) | €2.566 | — |
Afbouw: wat verlies je bij hoger inkomen?
Tot €45.308 verzamelinkomen krijg je de volledige €2.035. Elke euro daarboven bouwt de korting af met €0,15 (15%). Bij €50.000: afbouw = (50.000 − 45.308) × 0,15 = €704. Ouderenkorting wordt dan €2.035 − €704 = €1.331.
Boven €58.540 is de reguliere ouderenkorting helemaal weg. De alleenstaande-ouderenkorting (€531) blijft wél gelden ongeacht inkomen — dat is een vast bedrag zonder afbouw.
Alleenstaande-ouderenkorting: €531 extra
Ben je alleenstaand én heb je AOW-leeftijd? Dan krijg je €531 extra bovenop de reguliere ouderenkorting. 'Alleenstaand' = geen fiscale partner (niet getrouwd, geen geregistreerd partner, en niet samenwonend op hetzelfde adres met gemeenschappelijke huishouding).
Let op: de alleenstaande-ouderenkorting vervangt de vroegere 'ouderenkorting voor gehuwden'. Vanaf 2015 bestaat die niet meer. Nu alleen nog deze €531 voor feitelijk alleenstaanden.
Verschil met AOW en pensioen
- AOW = basispensioen, bruto uitkering (€1.554/mnd single in 2026).
- Aanvullend pensioen = via pensioenfonds of werkgever.
- Ouderenkorting = BELASTINGKORTING, geen uitkering.
- Alleenstaande-ouderenkorting = idem, extra voor singles.
- Werkt direct af van je te betalen belasting via de aangifte.
- Automatisch toegekend — hoef je niet apart aan te vragen.
- Je ziet het terug in de 'voorlopige aanslag' en de definitieve IB-aanslag.
Rekenvoorbeelden
Gehuwde AOW'er, verzamelinkomen €25.000: ouderenkorting €2.035. Netto voordeel: direct €2.035 minder belasting te betalen.
Alleenstaande AOW'er, verzamelinkomen €25.000: €2.035 + €531 = €2.566. Totaal bespaart.
Alleenstaande AOW'er, verzamelinkomen €50.000: ouderenk. = €2.035 − 704 = €1.331, + €531 = €1.862.
AOW'er, verzamelinkomen €70.000: ouderenk. = €0, alleenstaande (als single) = €531. Totaal €531.
Als je geen belasting betaalt (inkomen te laag): je kunt niet méér 'terug' krijgen dan je verschuldigd bent — korting is beperkt tot je belasting.
Formule
Ouderenkorting 2026: verzamelinkomen ≤ €45.308: €2.035 (max) €45.308 < ink. < €58.540: max − 15% × (ink. − 45.308) verzamelinkomen ≥ €58.540: €0 Alleenstaande-ouderenkorting: €531 (vast, geen afbouw, alleen voor fiscaal alleenstaanden) Totaal = ouderenkorting + alleenstaande_korting (indien van toepassing) Voorbeeld — alleenstaande AOW'er met €50.000: ouderenk = 2.035 − 0,15 × (50.000 − 45.308) = 2.035 − 704 = €1.331 alleenst = €531 totaal = €1.862 belastingvoordeel
Voorbeelden
- AOW'er gehuwd, €25.000 inkomen€2.035 ouderenkorting
- AOW'er alleenstaand, €25.000€2.035 + €531 = €2.566
- AOW'er alleenstaand, €50.000€1.331 + €531 = €1.862 (afgebouwd)
- AOW'er alleenstaand, €70.000€0 + €531 = €531 (volledig afgebouwd)
- AOW'er 66 jaar (nog geen AOW)Geen ouderenkorting (wel algemene heffingskorting)
Veelgestelde vragen
Moet ik ouderenkorting apart aanvragen?
Hoeveel is de ouderenkorting in 2026?
Wat is het verschil met algemene heffingskorting?
Vanaf welke leeftijd krijg ik ouderenkorting?
Ben ik 'alleenstaand' voor de ouderenkorting?
Kan ik de ouderenkorting terugkrijgen als uitkering?
Gerelateerde tools
Uitgelichte artikelen
Alle artikelenSnelheidsboete 2026: wat kost te hard rijden?
Tien kilometer te hard kost je in 2026 € 95 binnen de bebouwde kom, € 89 buiten de bebouwde kom en € 84 op de autosnelweg — plus € 9 administratiekosten. Dezelfde overtreding, drie bedragen: hoe dichter je bij fietsers en voetgangers rijdt, hoe duurder het wordt. Hieronder staan de officiële tarieven van het Openbaar Ministerie per wegtype, hoe de meetcorrectie je snelheid verlaagt vóór er een boete volgt, vanaf welke overschrijding het strafrecht wordt, en wat er gebeurt als je niet op tijd betaalt.
Box 2 belasting 2026: wat betaal je als DGA over dividend?
Keer je als DGA dividend uit je BV uit, dan betaal je daarover box 2-belasting. In 2026 geldt 24,5% over de eerste € 68.843 aan box 2-inkomen en 31% over alles daarboven. Heb je een fiscaal partner, dan geldt het lage tarief samen tot € 137.686. Maar dat is niet het hele verhaal: over de winst waaruit je dat dividend uitkeert, heeft je BV al vennootschapsbelasting betaald. Van € 100.000 BV-winst houd je daardoor netto ongeveer € 60.365 over in privé. Hieronder staan de tarieven, de gecombineerde druk van vpb plus box 2, de gebruikelijkloonregeling en rekenvoorbeelden die je zo kunt narekenen.
Kinderalimentatie berekenen: zo werken behoefte, draagkracht en zorgkorting
Kinderalimentatie wordt in Nederland berekend volgens de tremanormen: eerst de behoefte van het kind, dan de draagkracht van beide ouders en ten slotte de zorgkorting. In deze gids leest u stap voor stap hoe die methode werkt, met een voorbeeld en antwoord op de meest gestelde vragen.
Laatst bijgewerkt: 16 april 2026