Wet van Ohm berekenen
Vul twee waarden in — U, I, R of P — en de calculator berekent de andere twee met de wet van Ohm en de vermogensformule.
De wet van Ohm (U = I · R) en de vermogensformule (P = U · I) zijn de twee fundamentele relaties in eenvoudige elektrische schakelingen. Als je twee van de vier grootheden kent — spanning (U in volt), stroom (I in ampère), weerstand (R in ohm) of vermogen (P in watt) — kun je altijd de andere twee terugrekenen. Deze calculator herkent welke twee je ingevuld hebt en kiest automatisch de juiste formule, inclusief afgeleide varianten zoals P = I²·R en P = U²/R.
De wet van Ohm in één formule
Georg Simon Ohm publiceerde in 1827 de eenvoudige relatie die vandaag nog de basis is van elke elektrische berekening: de spanning (U) over een weerstand is gelijk aan de stroom (I) door die weerstand maal de weerstandswaarde (R). Oftewel U = I · R.
In de praktijk: een gloeilampje met weerstand 50 Ω aangesloten op 12 V laat een stroom lopen van I = U/R = 12/50 = 0,24 A. Het vermogen dat de lamp verbruikt is P = U · I = 12 · 0,24 = 2,88 W. Met deze twee relaties (en hun algebraïsche varianten) kun je elk simpel circuit doorrekenen.
De vier grootheden
| Grootheid | Symbool | Eenheid | Wat het is |
|---|---|---|---|
| Spanning | U | Volt (V) | Potentiaalverschil — 'drukt' de lading door de draad |
| Stroom | I | Ampère (A) | Hoeveel lading per seconde door het circuit loopt |
| Weerstand | R | Ohm (Ω) | Mate waarin een component de stroom tegenhoudt |
| Vermogen | P | Watt (W) | Hoeveel energie per seconde wordt omgezet |
De 6 combinaties — welke formules gebruikt de calculator?
Je kunt 6 verschillende paren kiezen uit {U, I, R, P}. Afhankelijk van welke je invult, kiest de calculator de juiste afgeleide:
| Bekend | Bereken | Formules |
|---|---|---|
| U, I | R, P | R = U/I · P = U·I |
| U, R | I, P | I = U/R · P = U²/R |
| U, P | I, R | I = P/U · R = U²/P |
| I, R | U, P | U = I·R · P = I²·R |
| I, P | U, R | U = P/I · R = P/I² |
| R, P | U, I | I = √(P/R) · U = √(P·R) |
Voorbeelden uit de praktijk
- **Gloeilamp 60 W op 230 V** — I = P/U = 60/230 ≈ 0,26 A; R = U²/P = 230²/60 ≈ 882 Ω.
- **Wasmachine 2 300 W op 230 V** — I = 10 A. Precies wat een standaard C16-groep levert.
- **LED-lamp 9 W op 230 V** — I = 0,04 A (40 mA). Zuinig, want 25× minder stroom dan de gloeilamp van 60 W.
- **Autoaccu 12 V, startmotor 150 A** — vermogen P = 12·150 = 1 800 W = 1,8 kW (even kortstondig).
- **USB-C oplader 65 W op 20 V** — I = 3,25 A. USB-C PD-spec.
Veiligheid & grenzen
Nederlandse groepen zijn meestal beveiligd op 16 A bij 230 V, wat een maximum vermogen van 3 680 W per groep betekent. Verlengkabels zijn vaak tot 10 A (2 300 W) gespecificeerd — lees altijd de opdruk. Bij gelijkspanning (auto, zonnepaneel) gelden dezelfde formules, maar effecten van wisselstroom (fase, blindvermogen, PF) zitten er niet in. Voor wisselstroomcircuits met motoren en spoelen is P = U · I slechts het schijnbare vermogen; effectief vermogen ligt lager. Deze calculator werkt met simpele DC/ohmse circuits.
Werk nooit aan een schakeling die onder spanning staat. Voor huisinstallaties boven 42 V is een erkende installateur wettelijk voorgeschreven.
Formule
Basis: U = I · R (wet van Ohm) P = U · I (vermogensformule) Afgeleid via substitutie: P = I² · R (uit U = I·R in P = U·I) P = U² / R (uit I = U/R in P = U·I) Omrekenen van elke combinatie: U, I → R = U/I · P = U·I U, R → I = U/R · P = U²/R U, P → I = P/U · R = U²/P I, R → U = I·R · P = I²·R I, P → U = P/I · R = P/I² R, P → I = √(P/R) · U = √(P·R) Voorbeeld — 60 W gloeilamp op 230 V: I = P/U = 60/230 = 0,261 A R = U²/P = 230²/60 = 881,7 Ω
Voorbeelden
- 230 V · 10 AR = 23 Ω · P = 2 300 W
- 60 W op 230 VI = 0,261 A · R = 881,7 Ω
- 12 V autoaccu · 150 A startmotorR = 0,08 Ω · P = 1 800 W
- 100 Ω · 9 WI = 0,3 A · U = 30 V
Veelgestelde vragen
Wat doe ik als ik slechts één waarde weet?
Hoeveel ampère trekt een apparaat van 2 000 W op 230 V?
Werkt de calculator voor 12 V installaties?
Geldt de wet van Ohm ook voor LEDs?
Wat is het verschil tussen DC en AC hier?
Waarom krijg ik een foutmelding als ik drie waarden invul?
Gerelateerde tools
Uitgelichte artikelen
Alle artikelenEnergiecontract vast of variabel 2026: welke past bij jouw verbruik?
Begin 2026 is de Nederlandse energiemarkt grotendeels gestabiliseerd na de turbulente jaren 2022-2024, maar de keuze tussen een vast en variabel energiecontract blijft een dilemma. Een vast contract geeft je 1, 2 of 3 jaar prijszekerheid — voor ongeveer 1 tot 3 cent per kWh premie. Een variabel contract is gemiddeld goedkoper maar past zich elk half jaar of kwartaal aan de markt aan. Welke keuze het beste past hangt af van je verbruik, je risicobereidheid en je verwachting van de markt. In deze gids vind je de actuele 2026-cijfers, vier praktische profielen en een stappenplan om de juiste keuze te maken.
Saldering zonnepanelen 2027-2031: nieuwe terugverdientijd per scenario
Tot eind 2026 saldeert Nederland zonnepanelen op volle kracht. Daarna begint een politiek compromise dat voor 2+ miljoen huishoudens concreet geld kost. Hoe veel? Dat hangt af van welk afbouwscenario de Tweede Kamer doorvoert — en hoe groot je surplus is. Dit artikel rekent het voor je uit, per scenario, per huishoudtype.
Zonnepanelen in 2026: terugverdientijd berekenen en wat je écht kunt verwachten
Drie jaar wachten op een betere deal — en ondertussen elke maand €180 aan stroom betalen die je zelf had kunnen opwekken. Dat is precies wat Pieter uit Deventer overkwam. Hij twijfelde in 2023, wachtte in 2024, en kocht uiteindelijk in 2025 — voor dezelfde prijs als waarvoor hij in 2023 al had kunnen instappen, maar dan drie jaar goedkope stroom later. In 2026 is uitstel eigenlijk niet meer te verdedigen: panelen zijn 40% goedkoper dan in 2021, de stroomprijs staat stabiel op zo'n €0,29 per kWh, en de gemiddelde terugverdientijd is gedaald naar 6 tot 9 jaar. Daarna volgen 16 tot 21 jaar gratis stroom.
Laatst bijgewerkt: 14 april 2026