Hoeveel dagen heeft een jaar?
Een gewoon jaar heeft 365 dagen, een schrikkeljaar 366. Vul hieronder een jaartal in om te zien of het een schrikkeljaar is, en bekijk meteen het aantal weken en een werkdagen-indicatie.
Samengesteld en gecontroleerd door de RekenmachinePro-redactie.
Hoeveel dagen heeft een jaar? Meestal 365, maar één keer in de vier jaar 366 — dan is het een schrikkeljaar met 29 februari erbij. Met deze gratis tool vul je een willekeurig jaartal in en zie je direct of het een schrikkeljaar is, hoeveel dagen het telt, hoeveel weken dat zijn (52,14 of 52,29) en een indicatie van het aantal werkdagen. Handig voor planning, boekhouding, school of gewoon om te checken of 2024, 2028 of 2100 een schrikkeljaar is.
Hoeveel dagen heeft een jaar? (kort antwoord)
Een gewoon jaar heeft 365 dagen. Een schrikkeljaar heeft er 366, doordat februari dan een extra dag krijgt: 29 februari. Schrikkeljaren komen ongeveer eens in de vier jaar voor.
Vul hierboven een jaartal in om te zien of dat specifieke jaar 365 of 366 dagen heeft, plus het aantal weken en werkdagen.
Wat is een schrikkeljaar?
Een schrikkeljaar is een jaar met 366 dagen in plaats van 365. De extra dag, 29 februari, bestaat om de kalender gelijk te houden met de werkelijke duur van een rondje van de aarde om de zon. Dat duurt namelijk niet precies 365 dagen, maar ongeveer 365,2425 dagen.
De regel om te bepalen of een jaar een schrikkeljaar is: een jaar is een schrikkeljaar als het deelbaar is door 4. Uitzondering: jaren die deelbaar zijn door 100 zijn géén schrikkeljaar — tenzij ze óók deelbaar zijn door 400. Daarom was 1900 geen schrikkeljaar (wel door 100, niet door 400), maar 2000 wél (deelbaar door 400).
| Jaar | Deelbaar door 4? | Schrikkeljaar? |
|---|---|---|
| 2023 | Nee | Nee — 365 dagen |
| 2024 | Ja | Ja — 366 dagen |
| 2025 | Nee | Nee — 365 dagen |
| 2026 | Nee | Nee — 365 dagen |
| 2028 | Ja | Ja — 366 dagen |
| 2032 | Ja | Ja — 366 dagen |
| 1900 | Ja (maar door 100) | Nee — uitzondering |
| 2000 | Ja (en door 400) | Ja — uitzondering op de uitzondering |
| 2100 | Ja (maar door 100) | Nee — uitzondering |
Waarom precies 365,25 dagen?
De aarde doet er ongeveer 365 dagen, 5 uur, 48 minuten en 45 seconden over om één keer om de zon te draaien — dat is 365,2425 dagen. Die overgebleven bijna-kwart-dag tellen we niet elk jaar mee, want een datum moet op een hele dag vallen.
Door eens in de vier jaar een hele dag toe te voegen (4 × 0,25 = 1 dag), lopen we de achterstand weer in. Maar 0,2425 is net iets minder dan 0,25, daarom slaan we drie schrikkeljaren per vier eeuwen over (de jaren deelbaar door 100 maar niet door 400). Zonder die fijnregeling zou de kalender na een paar eeuwen merkbaar gaan schuiven en zou de lente uiteindelijk in de winter vallen.
Hoeveel weken zitten er in een jaar?
Een jaar heeft 52 volle weken plus een paar losse dagen. Reken je 365 ÷ 7, dan kom je op 52,14 weken — dus 52 weken en 1 dag. In een schrikkeljaar is het 366 ÷ 7 = 52,29 weken, oftewel 52 weken en 2 dagen.
Dit is ook de reden dat je verjaardag elk jaar één weekdag opschuift (en twee na een schrikkeljaar). Viel je verjaardag dit jaar op een dinsdag, dan is het volgend jaar een woensdag — tenzij er een 29 februari tussen zit.
| Soort jaar | Dagen | Weken | = weken + dagen |
|---|---|---|---|
| Gewoon jaar | 365 | 52,14 | 52 weken + 1 dag |
| Schrikkeljaar | 366 | 52,29 | 52 weken + 2 dagen |
Hoeveel dagen heeft elke maand?
De 365 (of 366) dagen zijn verdeeld over twaalf maanden van 28, 30 of 31 dagen. Alleen februari verandert van lengte: 28 dagen in een gewoon jaar, 29 in een schrikkeljaar. Een handig ezelsbruggetje is de knokkel-truc: tel de maanden af op je knokkels en de tussenruimtes — knokkel = 31 dagen, tussenruimte = 30 dagen (februari uitgezonderd).
| Maand | Dagen | Bijzonderheid |
|---|---|---|
| Januari | 31 | — |
| Februari | 28 of 29 | 29 in een schrikkeljaar |
| Maart | 31 | — |
| April | 30 | — |
| Mei | 31 | — |
| Juni | 30 | — |
| Juli | 31 | — |
| Augustus | 31 | — |
| September | 30 | — |
| Oktober | 31 | — |
| November | 30 | — |
| December | 31 | — |
Hoeveel werkdagen heeft een jaar?
Naast het totale aantal dagen is het aantal werkdagen vaak nuttig voor planning en salaris. Een jaar telt 52 weekenden, dus 104 of 105 weekenddagen. Daarmee blijven er ongeveer 260–262 weekdagen (maandag t/m vrijdag) over.
Trek je daar de officiële Nederlandse feestdagen vanaf die op een doordeweekse dag vallen (zoals Nieuwjaarsdag, Koningsdag, Hemelvaart en de Kerstdagen), dan kom je meestal uit op 253 tot 256 werkbare dagen. Het exacte aantal verschilt per jaar, omdat het ervan afhangt welke feestdagen in het weekend vallen. De tool hierboven geeft een indicatie van de weekdagen; voor een exacte planning kijk je naar de feestdagen van dat specifieke jaar.
Formule
dagen = schrikkeljaar ? 366 : 365 schrikkeljaar = (deelbaar door 4 én niet door 100) óf deelbaar door 400 weken = dagen ÷ 7 (52,14 of 52,29)
Voorbeelden
- 2026365 dagen — geen schrikkeljaar
- 2024366 dagen — schrikkeljaar
- 2028366 dagen — schrikkeljaar
- 2100365 dagen — geen schrikkeljaar (deelbaar door 100)
- 2000366 dagen — schrikkeljaar (deelbaar door 400)
Veelgestelde vragen
Hoeveel dagen heeft een jaar?
Hoeveel dagen heeft een schrikkeljaar?
Is 2026 een schrikkeljaar?
Wanneer is het volgende schrikkeljaar?
Was 2000 een schrikkeljaar?
Is 2100 een schrikkeljaar?
Hoeveel weken zitten er in een jaar?
Hoeveel werkdagen heeft een jaar?
Waarom bestaat een schrikkeljaar?
Gerelateerde tools
Uitgelichte artikelen
Alle artikelenWetenschappelijke rekenmachine gebruiken: de complete gids
Een wetenschappelijke rekenmachine kan veel meer dan optellen en aftrekken: machten en wortels, sinus, cosinus en tangens, logaritmen, haakjes, geheugen en wetenschappelijke notatie. Maar al die knoppen maken hem voor veel mensen ook verwarrend. In deze complete gids leg ik — als wiskundedocent — stap voor stap uit hoe je elke functiegroep gebruikt, hoe de rekenmachine de volgorde van bewerkingen aanhoudt, en waarom de Nederlandse komma er soms voor zorgt dat een som 'fout' lijkt. Aan het eind reken je elke opgave moeiteloos uit, of je nu in de brugklas zit, examen doet of gewoon snel een percentage wilt weten.
Sin, cos en tan berekenen: uitleg met de eenheidscirkel
Sinus, cosinus en tangens zijn de bouwstenen van de goniometrie. Je gebruikt ze om in een rechthoekige driehoek een onbekende zijde of hoek te vinden — bij wiskunde, natuurkunde, techniek en bouwkunde. In dit artikel leg ik als wiskundedocent uit wat sin, cos en tan precies betekenen, hoe je ze onthoudt met de ezelsbrug SOS-CAS-TOA, hoe de eenheidscirkel ze in beeld brengt, en — het belangrijkste struikelblok — waarom je rekenmachine in DEG (graden) of RAD (radialen) moet staan. Met voorbeelden die je meteen kunt natikken op onze rekenmachine.
Machten en wortels berekenen (met de volgorde van bewerkingen)
Machten en wortels horen bij elkaar als optellen en aftrekken: een wortel maakt een macht ongedaan. In dit artikel leg ik als wiskundedocent uit hoe machtsverheffen en worteltrekken werken, wat een negatieve of gebroken exponent betekent, en hoe je ze foutloos op je rekenmachine intikt. We behandelen ook de beruchte valkuil −3² (is dat −9 of 9?) en de volgorde van bewerkingen, zodat je nooit meer de verkeerde uitkomst krijgt. Alle voorbeelden kun je meteen natikken op onze wetenschappelijke rekenmachine.
Laatst bijgewerkt: 17 juni 2026