RekenmachinePro

BMI berekenen

Bereken je Body Mass Index (BMI) op basis van je gewicht en lengte, met classificatie volgens de WHO.

De Body Mass Index (BMI) is de meest gebruikte vuistregel om snel te zien of je gewicht in verhouding staat tot je lengte. Met deze gratis BMI calculator voer je je gewicht in kilo's en je lengte in centimeters in, en zie je direct het resultaat inclusief de categorisering volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Houd er wel rekening mee dat BMI slechts een ruwe indicator is — het houdt geen rekening met spiermassa, lichaamsbouw of vetverdeling, en zegt dus niet alles over je gezondheid.

Wat is BMI en hoe bereken je het?

BMI staat voor Body Mass Index en is een getal dat je krijgt door je gewicht in kilo's te delen door het kwadraat van je lengte in meters. De formule: BMI = gewicht (kg) ÷ (lengte (m))². Voor iemand van 75 kg en 1,80 m is dat 75 ÷ (1,80 × 1,80) = 23,1.

Het getal zelf zegt nog niks; het krijgt betekenis door de WHO-classificatie die het getal koppelt aan een categorie zoals ondergewicht, gezond gewicht of obesitas.

WHO classificatie

De Wereldgezondheidsorganisatie hanteert de volgende categorieën voor volwassenen (18+):

BMIClassificatieGezondheidsrisico
< 18,5OndergewichtVerhoogd
18,5 – 24,9Gezond gewichtNormaal
25,0 – 29,9OvergewichtLicht verhoogd
30,0 – 34,9Obesitas klasse IVerhoogd
35,0 – 39,9Obesitas klasse IISterk verhoogd
≥ 40,0Obesitas klasse IIIZeer sterk verhoogd

Beperkingen van BMI

BMI is een praktische vuistregel, maar geen perfecte maatstaf. Het rekent niet mee of je gewicht uit spier, vet of bot bestaat, en houdt geen rekening met je lichaamsbouw of vetverdeling.

  • Gespierde sporters krijgen soms een 'te hoge' BMI terwijl ze erg fit zijn.
  • Ouderen kunnen een 'normale' BMI hebben met te veel buikvet (sarcopenische obesitas).
  • BMI werkt niet voor kinderen en jongeren — daar worden andere BMI-curves gebruikt.
  • Buikomvang (tailleomtrek) is vaak een betere voorspeller van hartrisico dan BMI alleen.

Aanvullend: tailleomvang

Samen met BMI is de tailleomvang een belangrijke indicator voor je gezondheid. Te veel vet rond je middel (buikvet) hangt sterk samen met hart- en vaatziekten en diabetes type 2. De Nederlandse gezondheidsnorm hanteert: mannen < 94 cm gezond / > 102 cm verhoogd risico. Vrouwen < 80 cm gezond / > 88 cm verhoogd risico.

Waar komt BMI eigenlijk vandaan?

De BMI-formule is bedacht in de jaren 1830 door de Belgische wiskundige en statisticus Adolphe Quetelet. Hij zocht naar een eenvoudige manier om de 'gemiddelde mens' te beschrijven en kwam uit op gewicht gedeeld door lengte in het kwadraat — destijds bekend als de 'Quetelet-index'. Pas in 1972 doopte de Amerikaanse fysioloog Ancel Keys het om tot 'Body Mass Index' en pleitte hij voor het gebruik ervan als grove screening voor obesitas in epidemiologisch onderzoek.

Belangrijk om te weten: Quetelet bedoelde de formule nooit als individuele gezondheidsmaatstaf. Het was bedoeld voor populatiestudies. Dat verklaart waarom BMI op individueel niveau zo vaak tekortschiet — het is een statistisch gemiddelde, geen medisch oordeel.

Andere grenzen voor Aziatische populaties

Onderzoek heeft aangetoond dat mensen van Zuid- en Oost-Aziatische afkomst bij dezelfde BMI doorgaans een hoger lichaamsvetpercentage en meer hart- en vaatziekterisico hebben dan mensen van Europese afkomst. De WHO heeft daarom alternatieve grenswaarden voorgesteld voor Aziatische populaties:

BMI (Aziatisch)Classificatie
< 18,5Ondergewicht
18,5 – 22,9Gezond gewicht
23,0 – 27,4Overgewicht
≥ 27,5Obesitas

Alternatieven voor BMI

Omdat BMI niets zegt over lichaamssamenstelling, kijken zorgverleners steeds vaker naar aanvullende of alternatieve maten:

  • Vetpercentage — direct gemeten met een huidplooitang, bio-impedantie weegschaal of DEXA-scan. Veel preciezer maar duurder en lastiger.
  • Waist-to-Hip Ratio (WHR) — tailleomvang gedeeld door heupomvang. Mannen < 0,90 en vrouwen < 0,85 geldt als gezond.
  • Waist-to-Height Ratio (WHtR) — tailleomvang in cm gedeeld door lengte in cm. Een vuistregel: houd je middelomvang onder de helft van je lengte.
  • Body Adiposity Index (BAI) — gebaseerd op heupomvang en lengte; bedoeld als alternatief voor BMI dat geen weging vereist.
  • Lichaamssamenstelling via DEXA — de gouden standaard, maar alleen beschikbaar in klinische settings.

Wat als mijn BMI afwijkt?

Een BMI buiten de gezonde range hoeft geen acute zorg te betekenen, maar is wel een signaal om je leefstijl onder de loep te nemen. Paniek helpt niet; kleine, volhoudbare aanpassingen wél.

  • Bij ondergewicht: focus op krachttraining en voldoende eiwit- en calorierijke voeding.
  • Bij overgewicht: kleine calorie-afname (± 500 kcal/dag), meer bewegen en meer water drinken.
  • Bij obesitas: overleg met een huisarts of diëtist — er zijn wetenschappelijk onderbouwde programma's die werken.
  • Stress, slaap en dagelijkse beweging zijn minstens zo belangrijk als wat je eet.

Formule

BMI = gewicht (kg) ÷ (lengte (m))²

Voorbeelden

  • 75 kg / 1,80 m
    BMI 23,1 — Gezond gewicht
  • 65 kg / 1,65 m
    BMI 23,9 — Gezond gewicht
  • 90 kg / 1,75 m
    BMI 29,4 — Overgewicht
  • 110 kg / 1,80 m
    BMI 34,0 — Obesitas klasse I
  • 55 kg / 1,75 m
    BMI 18,0 — Ondergewicht

Veelgestelde vragen

Welke BMI wordt beschouwd als gezond?
Volgens de WHO is een BMI tussen 18,5 en 24,9 voor volwassenen als 'gezond gewicht' geclassificeerd. Daaronder is ondergewicht, daarboven overgewicht.
Geldt dezelfde classificatie voor mannen en vrouwen?
Ja, de WHO hanteert voor volwassen mannen en vrouwen dezelfde BMI-grenzen.
Werkt BMI bij kinderen?
Nee, voor kinderen en jongeren worden specifieke leeftijds- en geslachtsafhankelijke BMI-curves gebruikt. Raadpleeg daarvoor een jeugdarts of de JGZ.
Is BMI betrouwbaar voor sporters?
Niet altijd. Bodybuilders en krachtsporters hebben vaak een BMI in de categorie 'overgewicht' door hun spiermassa, terwijl hun vetpercentage juist erg laag is.
Wat is het verschil tussen BMI en vetpercentage?
BMI is een ratio tussen gewicht en lengte; het vetpercentage meet het daadwerkelijke percentage lichaamsvet. Vetpercentage is preciezer maar lastiger te meten (vereist aparte meetapparatuur).
Moet ik naar een arts bij een hoge BMI?
Bij een BMI ≥ 30 (obesitas) is het verstandig om dit te bespreken met je huisarts, vooral als je ook andere klachten hebt. Bij overgewicht (BMI 25–30) kunnen leefstijlaanpassingen veel effect hebben.
Kan ik BMI gebruiken als enige gezondheidsmaatstaf?
Nee. BMI is een vuistregel — combineer het met bloeddruk, cholesterol, tailleomvang, bloedsuiker en hoe je je voelt voor een volledig beeld.
Hoe vaak moet ik mijn BMI checken?
Eén tot vier keer per jaar is meestal voldoende. Dagelijks wegen is niet nuttig en kan juist ongezond worden; focus op trends over weken.

Gerelateerde tools

Laatst bijgewerkt: 10 april 2026